dinsdag 4 december 2018

Even wat geschiedenis (3)


1.1 Even wat geschiedenis

Dat de KM het in de Tweede Wereldoorlog behoorlijk voor de kiezen heeft gekregen, behoef ik nauwelijks te vertellen. We weten allemaal wel van de Slag in de Java Zee, van het zinken van de ISAAC SWEERS, het zogenaamde spookschip, Hr.Ms. TROMP van de bovenwater schepen en de onderzeeërs die enorm dood en verderf zaaiden onder de vijand, maar waar er ook veel van verloren gingen en vooral van de marinemannen die de dood vonden, zowel boven als onder water en zeker ook in de lucht.
(K.W.L. Bezemer heeft in zijn tweedelige werk: Zij vochten op de zeven zeeën en Verdreven doch niet verslagen, ISBN resp.: 9026920407 en 9026920415 daar sober en zonder opsmuk over geschreven.)
In de jaren na de tweede wereldoorlog was onze marine een verzameling van heterogene schepen en ook vaak verouderde schepen die we vaak hadden overgenomen of gekregen van de Engelsen of de Yanks, onze bondgenoten in die oorlog van toen en nu onze medestanders in de NAVO en in de, in de begin jaren vijftig, in die, inmiddels op het punt van uitbreken staande, ‘koude oorlog*.
De KM was, in de jaren voor die grote tweede wereldoorlog, totaal verwaarloosd. Gedurende de eerste wereldoorlog al, die van 1914-1918 duurde, was ons land neutraal geweest en de toenmalige regeringen en de bevolking van ons land, hoopten dat we dat toen zo zouden kunnen houden. Er waren stromingen in ons land die vonden dat wij, neutraal landje als we waren, niet moesten gaan bewapenen om de landen om ons heen, bedoeld werd Nazi Duitsland, te provoceren, door er een grote en sterke en moderne Defensie op na te gaan houden. Dat scheelde natuurlijk ook lekker in de Staatsuitgaven, want ‘wie ben’t zunig natuurlijk, zeggen Zeeuwen en ja, dat zijn ook Nederlanders en dat zijn we al helemaal als het om ‘nutteloze’ uitgaven gaat als voor die ‘opvreters’ van Defensie, zoals men toen meende. (Schandalig genoeg omdat ons land rijk genoeg was door de inkomsten uit wat toen nog ‘ons Indië heette. Mijn persoonlijke mening is dat onze defensie indertijd verraden is door de steeds meer bezuinigende regeringen uit die jaren, maar goed dat is een hele discussie an sich.)
In de Great War, La Grande Guerre, de (Eerste) Wereldoorlog dus, waren landen als België, Groot-Brittannië en Frankrijk opeens volwassen geworden. Het is niet meer voorstelbaar, in onze ogen van nu, hoeveel jonge kerels er op de slagvelden van Vlaanderen en Frankrijk, maar ook op de Turkse stranden van Gallipoli, in het toenmalige Palestina, in Namibië of in het tweestromenland, en, nu ja, wereldwijd eigenlijk, zijn gestorven. Ik schrijf dit verhaal niet om over die oorlog uit te gaan wijden, maar ik geef alleen aan, dat ons land er in 14-18 door gesloft* was. Dat zou, zo was de publieke opinie, ook wel weer mogelijk zijn tijdens de dreigende jaren dertig, waarin Hitler aan de macht kwam, toch? Dus, zoals gezegd, onder diverse regeringen werd er meer en meer bezuinigd (op van alles, maar zeker op de leger uitgaven) en verslonsde onze Defensie helemaal.
Maar goed, nu even terug naar de jaren vijftig. Er was opeens weer geld om Defensie op nieuw op te bouwen, doordat de NATO was gevormd en Hank the Yank veel investeerde in die Defensies van haar bondgenoten, vooral om de angst voor de Russen. Voor hen die te laat zijn geboren: de angst voor het communisme nam enorme vormen aan en misschien wel terecht. Hongarije werd in 1956 overvallen door Rusland, in 1968 kwam er een einde aan een voorzichtige democratie in Tsjechoslowakije, dat was toen nog één land. De “Praagse lente”, zoals die stroming genoemd werd, was met een klap voorbij.
Ons land bouwde, onder impuls van de NATO, haar leger en haar marine en luchtmacht weer op. Er kwamen gelden vrij voor het bouwen van twee kruisers, de regering kocht een ‘dikke boot, de KAREL DOORMAN, het vliegdekschip Venerable, over van de Britten en er werden twaalf jagers gebouwd. Er werden een aantal fregatten van de US Navy overgenomen. We hadden toen een KM van dik 20.000 mensen in de jaren zeventig, toen ik net in dienst kwam. Maar, eind jaren zeventig was die ooit moderne vloot al aan het slijten en werd ze achterhaald door de moderne ontwikkelingen en ja, de jagers moesten eigenlijk wel vervangen worden. Hoewel het geweldige snelle, een snelheid tot 36 knopen, en goed bewapende schepen waren, tweemaal twaalf centimeter kanons, vier tot zes veertig millimeter lucht afweerkanons, twee diepte bomrekken en, naast een lichtraketwerper, ook nog eens twee raket dieptebomwerpers, was hun tijd achterhaald. De schepen werden hopeloos verouderd, doordat de nucleaire onderzeeër zijn intrede had gedaan en doordat de jetvliegtuigen verder ontwikkeld werden. Er moesten andere en betere schepen komen. (Het waren ontzettende fraaie schepen om te zien, overigens. De bemanningen hielden van die schepen maar het varen op die jagers was geen pretje, hoor.)
Er werd door allerlei commissies gekozen voor fregatten. Een type van oorlogsschepen die, na de Napoleontische oorlogen, jaren niet meer in gebruik was geweest, maar nu, in alle marines over alle landen, nieuw leven kreeg in geblazen. Een fregat was van oudsher een driemaster, een fiks schip met tussen de 24 en 48 kanons, met een bemanning van rond de 250 tot 300 man en het was vooral een snel schip, dat vaak en vooral werd gebruikt al verkenningseenheid. In WO2 kwam dat type schepen weer voor het voetlicht, maar vaak was zo een fregat uit die tijd een overhaast gebouwd schip die de onderzeebootdreiging dan maar aan ging pakken en dat dan vaak met heel veel succes deed.

Dus besloten wijze mannen, ik schreef het al, in de jaren zeventig om de jagers, die vervolgens werden verkocht aan vaak Zuid-Amerikaanse landen, te vervangen door twaalf fregatten. Deze, hele fraaie, schepen kregen traditioneel de namen van zeehelden in plaats van steden of provincies.
Omdat onze maritieme historie ritselt van de zeehelden en we ondertussen al twee ‘dikke’ boten hadden die TROMP en DE RUYTER  heetten, werd voor de nieuwbouw fregatten gekozen voor wat minder bekende Admiraals of vlootvoogden. Die dikke boten waar over ik sprak waren natuurlijk de aflossers van de eerdergenoemde kruisers. Als bijzonder kenmerk hadden ze een zogenaamde 3D radar, die in een enorme lelijke, koepelvormige dome verborgen zat en die de schepen zo de bijnaam ‘Kojak’, (ja je mot echt even van de jaren zeventig zijn hoor om die te vatten), gaf. Uitleg? Kojak was een detective serie, starring ene Telly Savalas, die een enorme bats had. KM-gein dus.
Daarvoor had ons land al de VAN SPEIJK klasse fregatten gebouwd, een licentie bouw van de Britse LEANDER-klasse. Er schijnt een KB te zijn dat bepaald dat er altijd een oorlogsschip Van Speijk zal heten. In mijn laatste jaren was het een mijnenveger, geloof ik. Waarom die Van Speijk tot eeuwige dage herinnerd moet blijven is mij een raadsel overigens. Zo groots was zijn daad niet, in mijn ogen en die van de echte mensen die het kunnen weten dan, maar soit. Goed, ook de Van Speijks verouderden, wederom veranderde de oorlog ter zee, zeg maar en weer moest de vloot worden aangepast. Nu waren het voornamelijk schepen die de nieuwerwetse raketten en supersonische vliegtuigen moesten bestrijden.

Men besloot tot het bouwen van een serie van twaalf schepen die de naam KORTENAER-klasse zouden krijgen.

Het sloeg, bij het gemiddelde marinepersoneel in als een bom. Niet zozeer dat er nieuwe fregatten werden gebouwd, dat zou echt tijd worden, maar wel de naamgeving van die nieuwe schepen. Ik moet zeggen dat ik ook wel wat ophoorde van die namen. Wie had er ooit gehoord van Bloys van Treslong, dat was een watergeus, bleek, maar wie had ooit gehoord van Philips van Almonde, wie kende de naam Banckert, of Pieter Florisz? Ik moet toegeven dat ik de namen Witte de With en Pieter Florisz wel kende. Ik had ooit eens een boek over die marinemannen gelezen, dat was geschreven door de, helaas al lang vergeten schrijver Dick Dreux. (Mocht je geïnteresseerd zijn: het boek heet ‘Vals Goud’, een fraai boek over een van de vele Engelse oorlogen, dit terzijde.)
In ieder geval waren dat die jaren de jaren van het verminderde nationalisme en waarschijnlijk wilden de wijze heren met de puntige hoofden, gekleed in colberts met veel balpen pennen in hun jaszakje, vermoedelijk niet te veel aan dat Nederlandse natie gevoel gaan toevoegen en besloten ze dus maar om wat minder klinkende namen aan de nieuw te bouwen schepen te geven. Ik kan nu wel een hele verhandeling gaan houden over de politieke situatie in die tijd, maar dat gaat te ver voor dit boek.
Verder nu over die klasse schepen zelf en ik raadpleegde hierbij een aantal boeken, waaronder een van een oud marineman, William van Amstel, “De schepen van de KM, vanaf 1945.” (ISBN: 9060139976 Uitgegeven bij: De Alk, Alkmaar. Jaartal: 1991) Die man, hij was ooit een Naut, voer onder andere op de ROTTERDAM waar ik destijds ook op geplaatst was en heeft ook heel even op de Almo gediend, als ik het goed heb. Ik heb hem dus redelijk goed gekend.) In elk geval: die Kortenaer klasse, met de twee afgeleide schepen, de Jakob van Heemskerk en de Witte de With, waren fraaie en hele ‘nieuwerwetse’ boten, vol met allerlei nieuwe (vaak computergestuurde) technieken en wapensystemen. Ik ben geen techneut natuurlijk, maar de ‘stokers*’ waren helemaal wild van hun twee machinekamers, met allemaal hele goede turbine motoren (tribune, hoorde ik een oudere onderofficieren steevast zeggen, lees straal- of vliegtuigmotoren. Dat waren Olympus en Tyne machines, ik geloof gebouwd door RR, Rolls Royce dus. “We sail RR”, zeiden we weleens trots.)
De wapen technische dienst, de WD, was helemaal lijp van de bewapening, die indrukwekkend was voor een relatief kleine romp. Een Oto Melara kanon, een Italiaans fabricaat, het was een 7,6 cm snelvuurkanon op de bak en een 40 mm dubbelopstelling op het dek boven de hangar, daarnaast ook nog eens acht Harpoon Sea Sparrow Missiles voor de brugopbouw en tweemaal twee torpedo lanceer (324 mm, begreep ik) buizen in elke breezij, de brede zijde van het schip.
De Spodo’s* waren al helemaal in hun sas met hun meer dan geavanceerde radar en onderzeeboot opsporing apparatuur en wat voor interessante dingen ze nog meer hadden. Bijvoorbeeld hadden ze Helicopter Direction Officer en Fighter Direction Officer controles. Vraag me niet helemaal hoe dat zit, hoor, ik was een simpele logistiekeling. Lezers van het boek, bekend met die systemen, vullen het zelf wel in.

De Elektronische Oorlog Voering mensen, de EOV, waren helemaal blij met hun apparatuur, zij, diep verborgen in de buik van het schip, hadden geweldige dingen om mee te kunnen knoppenbonken* en konden de vijand al vanaf 1000 mijl aan horen komen. Zeiden ze.

Ze zeiden ook, vol trots, dat ze zulke slimme apparatuur hadden dat ze bijvoorbeeld ook de naam van de commandant van een vijandig vliegtuig konden benoemen. (Ja, dat vonden wij, de rest van het schip: ‘Arie.’ Arie is een vreemde uitspraak, maar het heeft de betekenis van: opschepper, branie, zoiets dan.

De vliegdienst, mits aanwezig, had een hangar voor twee Sea Lynx heli’s, mits die al aanwezig waren en hadden een enorme werkplaats met allerlei gereedschappen or het onderhoud van die heli’s. (Omdat de KM niet voldoende heli’s had, waren we, na de avonturen met de Duitse Lynx en daar van verlost en konden we de hangar inrichtte als een soort sportschol en ‘fietsen’ bergplaats.

De ouwe en de zeeofficieren waren al helemaal happy met een schip dat op trok als een vliegtuig en bijna om haar eigen as kon draaien!

De Nauten, de echte ouderwetse dekdienst, met zo een fraaie uitmonstering van twee gekruiste ankers en het oudste dienst van de marine ooit, hadden hun waaigat. Dat stuk dek onder het hangar dek waar trossen of konden worden uit gegeven naar de wal. Ook leuk. Nee, ze hadden ook fraaie posities in de brede zij van het schip voor het BOZ’en en andere zaken

De Logistieke Dienst Verzorging had heel veel fraaie koel- en vriescellen, ze hadden uitgenaste pantry’s en warmhoud kasten, afwasmachines en allemaal geweldige kooktoestellen in de kombuis. De bakkerij was zelfs beter geoutilleerd dan bij een echte bakker aan de wal, hoor.

De LDA had een mooi bureau Commandement met heel veel ruimte voor het administratieve personeel. Er was zelfs een tweede bureau voor personeelszaken en zo. Rein, de chef van de LDA, was overigens ook ‘kas houdend Onderofficier’, zoals dat werd genoemd. Nee, hij was geen grootbankier, maar er gingen toch dagelijks duizenden guldens door zijn hand. Aan betalingen aan de mannen maar ook aan betalingen aan de leveranciers en zo. Hij deed dat helemaal goed, hoor, het was een feest om bij Rein te komen en een babbel te maken terwijl hij een betaalkaart aan je uitbetaalde.  De Magazijn beheerders, de LDGB, hadden een heleboel magazijnruimtes om hun spullen in op te bergen en de enige die echt een klein beetje chagrijnig was, was de korporaal ziekenverpleger.

De wijze heren van het Helderse medische commando (dat waren toch al geen mensen die erg operationeel dachten) hadden het wijs geacht om een röntgen toestel te installeren. Deze wijze heren, gek genoeg wel voortkomend uit die LDGD, de Logistieke Dienst Geneeskundige Dienst, maar, zoals gezegd, bijna allemaal mensen zonder enige operationele ervaring, begrepen niet dat je, om goede röntgenfoto’s te kunnen maken, je ten eerste een gedegen opleiding in die richting moest volgen. Dat je, om goede röntgenfoto’s te kunnen maken, ook een compleet stilliggend object moest hebben en dat het ontwikkelen van foto’s (toen nog) in drie stadia gebeurde, namelijk: ontwikkelen, spoelen en fixeren, en dat die alle drie zogenaamde natte stadia zijn. Vocht aan boord van een varend en dus slingerend schip gaat altijd klotsen en over de randen van een bassin springen, dus nee, dat was geen wijze beslissing van die Helderse groep. Ik heb ook nooit een röntgenfoto kunnen maken, al varend. Zoals zoveel van de Helderse besluiten geen goede besluiten en dit was dus weer een heel slecht denkbeeld.
Maar goed, we hadden er een hele klasse prachtige en functionele schepen bij. Eerlijk is eerlijk. De Nederlandse scheepsbouwkunde behoort niet alleen tot de beste, maar zeker tot de fraaiste ter wereld. Onze kruisers waren fantastisch om te zien, je kon smullen van de jagers en ja, ook deze fregatten waren van een ontroerende schoonheid. (Latere schepen, de DOORMAN en nu de ZEPROV en HOLLAND-klasse zijn natuurlijk ook prachtschepen om te zien.)
De Duitsers hebben veel van onze plannen overgenomen en kwam tot hun “Bremen en “Braunschweig” klasse boten.
De eerdergenoemde Heemskerk en De With waren van een iets afwijkend type. Qua lijnen en tonnage dan niet, maar zij waren zogenaamde lucht verdedigingen fregatten en hadden daardoor geen helikopterdek en waren niet voorbestemd om onderzeeërs op te sporen.

De schepen van de Kortenaer klasse zijn tussen 1978 en 2003 in dienst geweest en zijn daarna allemaal verkocht aan onder andere Griekenland en de Verenigde Arabische Emeritaten. Ik geloof dat de Piet Hein zelfs is omgebouwd tot luxe jacht? Nu ja, wij vonden onze ALMO toen al een luxe jacht.

Een ding moet ik nog even kwijt over de trots die wij in ons, of op ons, schip hadden. In de Alle Hens, een weekblad voor de KM, stond eens een limerick afgedrukt. Ik heb het toen uitgeknipt en heb het strookje papier jaren in mijn portefeuille meegedragen, maar ja, het was na twintig jaar zo verweerd, dat het bijna uit elkaar viel en ik het wel weg moest doen. De schrijver van die limerick schreef iets in de trant van:
Een matroos deed een grote zonde
=Hij moest gestraft worden en zo=
Dus kreeg hij een straf die nog moest worden uitgevonden
Dus plaatste men hem op de Philips van Almonde.
Een onschuldig rijmpje, misschien? Nu, niet in de ogen van onze SMJRLDA Rein, die in woede ontstak en de redactie van de Alle Hens een “schijtbrief” schreef, waar de honden geen droog brood van lustten. Dat was nog in de afbouw fase, het schip lag nog op de werf. Zo sterk was de band dus al met wat nog de ALMO moest worden dat Rein hier zo sterk op reageerde. De sfeer was geschapen.
Ik kom over Rein terug.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten

De Reunie

Een aantal maanden geleden schreef ik een laatste van vele Blogjes*, over de ALMO en plaatste dat op de 'site', heet dat zo, ja toch...