1.2. Over de naamgever van ons schip.
Zoals ik al zei, die nieuwe klasse schepen werd
vernoemd naar wat onbekendere Admiraals uit de “gouden dagen” van onze “gouden
jaren”, zijnde voornamelijk de tijden van de oorlogen tegen Engeland, in die zogenaamde "Gouden eeuw" dus.
Nu schreef ik al eerder dat de naam Kortenaer me wel bekend voorkwam, ik had die naam ooit in een boek gelezen over ene Witte de With, waarin ook die Pieter Florisz een rol speelde, dat was in dat boek van Dick Dreux, weet je nog dat ik er eerder over schreef, maar man, wie waren dan die Philips van Almonde, die Bloys van Treslong, of die Jan van Brakel (ik diende overigens later nog op een schip met die naam in een Far East reis) en wie waren die Abraham Crijnssen in hemelsnaam? Ja, er waren eerdere schepen naar hen vernoemd, maar ja, daar was voor mij dan ook alles mee gezegd).
Nu schreef ik al eerder dat de naam Kortenaer me wel bekend voorkwam, ik had die naam ooit in een boek gelezen over ene Witte de With, waarin ook die Pieter Florisz een rol speelde, dat was in dat boek van Dick Dreux, weet je nog dat ik er eerder over schreef, maar man, wie waren dan die Philips van Almonde, die Bloys van Treslong, of die Jan van Brakel (ik diende overigens later nog op een schip met die naam in een Far East reis) en wie waren die Abraham Crijnssen in hemelsnaam? Ja, er waren eerdere schepen naar hen vernoemd, maar ja, daar was voor mij dan ook alles mee gezegd).
Dus spoedde ik me ijlings naar mijn boekenkast.
Wiki en internet bestonden nog niet eens toen, FB en twitter? Nee man, zelfs
mobiele telefoons lagen nog in de kraamkamer. (Er bestonden van die zogenaamde mobiele telefoons in die tijd geloof
ik drie in ons land. Die dingen waren heel groot en wogen 25 kilo of
zo, lekker mobiel dus!
Ene Chriet Titulaar, een wetenschap journalist avant la lettre, met een ringbaard en een Limburgs accent dat je kon snijden, had zo een ding, maar man wat dat een vreselijk een log apparaat. (De telefoon, niet de baard, hoor.) Het was beiden niet om aan te zien.
Ene Chriet Titulaar, een wetenschap journalist avant la lettre, met een ringbaard en een Limburgs accent dat je kon snijden, had zo een ding, maar man wat dat een vreselijk een log apparaat. (De telefoon, niet de baard, hoor.) Het was beiden niet om aan te zien.
In ieder geval kun je overigens wel nagaan dat ik in de
oertijd geboren ben. Ik had, in die tijd, de jaren zeventig waren dat overigens, al een aardige verzameling
met maritiem historische werken en werkjes, met onder andere het boek “Van
vlootvoogden en zeeslagen”, van de eminente marine historicus Warnsinck, maar
ook daarin vond ik slechts wat fragmenten over die toen en nu voor mij belangrijk geworden 'Philips van Almonde'. Maar nu weet Wiki ondertussen wel iets meer over de man te vermelden, dus ik ga nu niet de
held uithangen, hoor, dat ik in stoffige archieven heb moeten zoeken of zo. Alle gegevens komen dus voornamelijk van het WWW. (Maar er is, heel gek, nog nooit een echte biografie over hem geschreven, zoals dat we is gebeurd over Hein/Tromp/Ruyter en zo. (Veelal door Prud'homme van Reine,een hele goede maritieme historicus, hoor.)
Philips van Almonde leefde voornamelijk in de 17e
eeuw. Hij werd geboren in Den Briel, zoals ook bijvoorbeeld De Ruyter en Witte de With, op negenentwintig december 1644 en overleed
in Oegstgeest op zes januari 1711. Hij stamde uit een geslacht van bierbrouwers
en apothekers en dat vind ik dus wel een hele mooie combinatie. Eerst geld verdienen om
de klant aan hoofdpijn helpen en daarna geld verdienen om de klant er weer van
af te helpen. Het zou een marine ziekenpa, die ook nog eens als tapbaas dienstdeed,
hebben kunnen zijn. Zijn ouweheer was misschien wel zijn eigen beste klant,
want die man stierf toen Philips nog maar dertien was. Pa liet overigens wel een
behoorlijke schuldenlast na.
Toen hij, Philips dus, zeventien was, ging hij bij de
marine. Hij werd adelborst bij een oom, die kapitein was op het schip het Wapen van Dordrecht. In die jaren hoefde
je nog niet naar het KIM* of zo, maar men kocht dus vaak een aanstelling als
officier. Zijn ma, of andere familieleden, zullen dan wel poen gehad hebben om dat te kunnen doen. (Bij het leger
ging dat overigens ook net zo, hoor, men kocht daar aanstellingen als officier, soms wel tot en met een kolonelsrang, hetgeen veel zegt over jochies van zeventien die kolonel waren of over kolonels in het algemeen, maar dat terzijde.)
In 1664 werd onze Almonde Luitenant bij de Admiraliteit van de Maze, dat was in Rotterdam dus en in 1665 vocht hij in de slag bij Lowestoft. Dat was in de tweede Engelse oorlog, die duurde van 1665 – 1667. Hij moest opeens het commando van het schip overnemen doordat zijn oom ziek werd. Daarop en daardoor werd hij “buitengewoon” kapitein en hij nam later ook deel aan de Vierdaagse Zeeslag. In 1667 werd hij “gewoon” kapitein, wat die rangen dan ook allemaal mogen voorstellen in onze huidige tijden. In de Engelse literatuur vind je er meer over. Een buitengewoon kapitein werd daar een commander genoemd en een kapitein een post captain. (Maar corrigeer me als dat nodig is.)
In 1664 werd onze Almonde Luitenant bij de Admiraliteit van de Maze, dat was in Rotterdam dus en in 1665 vocht hij in de slag bij Lowestoft. Dat was in de tweede Engelse oorlog, die duurde van 1665 – 1667. Hij moest opeens het commando van het schip overnemen doordat zijn oom ziek werd. Daarop en daardoor werd hij “buitengewoon” kapitein en hij nam later ook deel aan de Vierdaagse Zeeslag. In 1667 werd hij “gewoon” kapitein, wat die rangen dan ook allemaal mogen voorstellen in onze huidige tijden. In de Engelse literatuur vind je er meer over. Een buitengewoon kapitein werd daar een commander genoemd en een kapitein een post captain. (Maar corrigeer me als dat nodig is.)
Maar goed, het was ondertussen 1671 geworden en hij was eerst
commandant van de "Harderwijk" geweest maar
in 1673 was hij de baas geworden op het schip de “Wassenaer”,
tijdens de slag bij Solebay, in de nu alweer derde (van vier) Engelse oorlog(en), deze werd van 1672
– 1674 uitgeknokt. Hij vocht ook nog eens mee in de slagen bij Solebay en
Kijkduin. Dus ja, het was wel een vechtersbaasje en een goed zeeman, tussen de
regels door lezend.
In 1673, hij was nog geen dertig jaar oud, werd hij Schout bij Nacht en diende hij nog
steeds bij de Rotterdamse admiraliteit en ja, men vond onze Philips toen al zo’n strakke
held dat men zelfs een gedicht over hem maakte:
Almonde die
voor 't land u manlijk hebt gequeten,
Uw dapperheit maekt
u noch jong tot Schout-by-nacht
Gae voort op 't
heldenspoor, toon soo uw' roem en macht,
dat Alle monden
wijt en zijd u roem uitmeten.
Dat van die 'Alle monden' vind ik leuk gevonden.
In de verdere zogenaamde 'Hollandse oorlog' tegen Frankrijk voerde hij, als admiraal, op het schip Ridderschap van Holland, in 1674 acties uit tegen de Franse westkust. Later werd hij ook nog ingezet in de Oostzee en de Middellandse Zee.
In de verdere zogenaamde 'Hollandse oorlog' tegen Frankrijk voerde hij, als admiraal, op het schip Ridderschap van Holland, in 1674 acties uit tegen de Franse westkust. Later werd hij ook nog ingezet in de Oostzee en de Middellandse Zee.
In 1675 volgde hij admiraal Cornelis
Tromp naar de Middellandse Zee. In 1676 vocht hij op de Delft samen met
Tromp, die nu opeens de Deense opperbevelhebber was, tegen de Zweden. Dat
klinkt heel maf, maar het gebeurde in die jaren heel veel, dat admiraals of
generaals in en met het buitenland dienden. (Kinsbergen, ook een bekende admiraal, ook schepen naar vernoemd, was bijvoorbeeld
admiraal bij de Russische marine) In hetzelfde jaar werd Almonde, na de dood van de
grote Michiel de Ruyter, naar de Middellandse Zeevloot gestuurd om diens vloot weer
thuis te brengen, met De Ruyters gebalsemde lijk nog aan boord van het
vlaggenschip de Eendragt. Daarna voer hij weer naar de Oostzee. Na 1677
was Van Almonde weinig actief. Hij had zijn schaapjes dan al behoorlijk op het
droge lijkt het en hij koopt en verkoopt grond en zo. In 1679 gaat hij toch weer
naar zee en commandeert hij een konvooi-eskader van achttien schepen naar de
Sont. In 1683 vertrekt hij dan weer eens om Zweden bij te staan als er weer een oorlog met
Denemarken dreigt, maar het kwam echter niet tot gevechten. Op 5 april 1684
werd Almonde benoemd tot vice Admiraal bij de Admiraliteit van Amsterdam. Hij
hield zich dan eerst voornamelijk bezig met acties tegen de kapers van Algiers.
De 'Glorious Revolution’ en Negenjarige oorlog
Toen Stadhouder
Willem de derde in 1688, tijdens de zogeheten Glorious Revolution de Britse
Eilanden binnenviel, die Willem was getrouwd met de dochter van de Engelse
koning en zijn schoon ouweheer wilde met de Franse koning oorlog voeren tegen
onze republiek, was Van Almonde de commandant van het derde eskader van de
invasievloot. Hij was op 20 september samen met Cornelis Evertsen, van de
bekende Zeeuwse Evertsens, over de geheime plannen ingelicht. Na de expeditie
keerde Van Almonde al in januari 1689 terug omdat hij als Hollander liever niet
onder die Zeeuw Evertsen diende. Maf, weer. Hollanders en Zeeuwen konden
schijnbaar echt niet samen door een deur, toen. Datzelfde jaar werd onder zijn
leiding een nieuw seinboek ingevoerd. Kijk en dat is dan weer grappig. Zo is
hij opeens een collega van de verbindelaren geworden en indirect dus ook van
mij persoonlijk. Ik, als ziekenpa, verbond natuurlijk ook mensen. (Ja, heel flauw.)
In 1690 voerde hij, als admiraal natuurlijk, konvooidiensten uit op de
Middellandse Zee, in 1691 kruiste hij met een eskader in het Kanaal.
Op 26 maart
1692 werd hij benoemd tot luitenant-admiraal en “bevelhebber van 's lands vloot”,
een voorloper van de BDZ en was hij de opvolger van de ondertussen overleden
Cornelis Tromp, zoon van Maarten Harpertszoon Tromp. Naar die mannen worden
vaak ook nog schepen vernoemd, overigens. Op 29 mei 1692 commandeerde hij het
Nederlandse deel, 36 schepen sterk, van de geallieerde vloot die de aanvallende
Franse vloot in de zeeslagen bij Barfleur en La Hogue versloeg. Almonde besloot
daarna tot de beslissende sloepenaanval tegen de gevluchte Franse schepen in de
baai van Barfleur, waarvan er vijftien vernietigd werden. In 1695 viel hij Duinkerken
aan. Daarna was hij een aantal jaren inactief.
Spaanse Successieoorlog
Op Van Almondes
aanraden werd in 1702 de Spaanse zilvervloot, die jaarlijks met inderdaad
zilver, maar ook goud en gelukkig voor de verknochte roker, tabak, naar Spanje
voer vanuit de west, in de baai van Vigo aangevallen en veroverd, echter zonder
dat er al te veel winst behaald werd. Dat was natuurlijk tres sneu voor zijn
bemanning, omdat er in die tijd nogal geld verdiend werd aan het maken van
buit. Tijdens de eerste jaren van de Spaanse successieoorlog, die duurde van 1703 tot 1713 en waar hij de afloop niet
meer van meemaakte, was hij commandant van de gehele Nederlandse vloot, die
indertijd, samen met de Engelse marine, aanvallen uitvoerde op de toen al
verzwakte Spaanse bezittingen.
Hij beëindigde
zijn feitelijke zeedienst in 1706 vlak voor een expeditie tegen Portugal, omdat
hij bij verdrag verplicht was te dienen onder een Engelse bevelhebber die lager
in rang was dan hij. Ja, welke ‘cloggie’ wil nu dienen onder een ‘limey’? Na de
dood van Willem de 3e, de koning stadhouder, in 1703, lieten de Nederlandse Admiraals zich niet meer
zo vernederen. Op 20 december 1708 kwam hij uiteindelijk weer terug bij zijn
oude Admiraliteit van de Maze, en, aangezien die als de meest eerbiedwaardige van
de Admiraliteiten gezien werd, bekleedde hij nu dus de meest aanzienlijk marine
functie, toen de vorige ‘admiraal generaal’ overleden was en hij tot diens
opvolger was benoemd.
Laatste jaren
Zijn laatste
jaren bracht hij door op zijn landgoed Haaswijck bij Oegstgeest dat hij voor
32.000 gulden, zeg maar dik 3 miljoen eurie in huidig geld, had aangekocht, waar hij op 6 januari 1711 overleed. Op 30
december 1712 (hé? Wat was er daarvoor met zijn stoffelijk overschot gebeurd?) werd
hij herbegraven in de Grote of Sint Catharina kerk in Brielle, het hedendaagse
Den Briel. Hij is nooit getrouwd geweest en er zijn geen kinderen van hem
bekend, dus het lijkt dat de Almonde lijn hier op houdt.
Als je die
indrukwekkende en lange loopbaan zo overleest is het eigenlijk gek dat er
slechts twee schepen naar hem vernoemd zijn. De Almonde die in 1940, tijdens de
inval van de Duitsers vernield is, was een fraaie jager van de Callenburgh
klasse. Het schip werd, terwijl ze nog op stapel stond en dan onze ALMO. De
schrijver Chris Marck heeft in zijn boek: “Schepen van de KM in WO2” (ISBN
9060135229, uitgeverij Den Alk, Alkmaar) een trieste foto van het eerste schip
geplaatst, na de vernietiging door het werfpersoneel.
1.3. Over het wapen van de Almo:
Het
wapen van de familie Van Almonde:
in zwart drie gouden schuinkruisjes met afgesneden uiteinden, zoals dat zo fraai heet in de officiële stukken. Ik heb nergens kunnen vinden hoe de familie Van Almonde aan dat wapen kwam. Als ik heel eerlijk ben, ben ik ook niet zo geïnteresseerd daarin, eigenlijk. Feit is dat ons schip dat wapen toegewezen kreeg. Eerlijk is eerlijk. Het is een fraai en sober wapen. Drie gouden Andreas kruizen op een zwarte achtergrond.
in zwart drie gouden schuinkruisjes met afgesneden uiteinden, zoals dat zo fraai heet in de officiële stukken. Ik heb nergens kunnen vinden hoe de familie Van Almonde aan dat wapen kwam. Als ik heel eerlijk ben, ben ik ook niet zo geïnteresseerd daarin, eigenlijk. Feit is dat ons schip dat wapen toegewezen kreeg. Eerlijk is eerlijk. Het is een fraai en sober wapen. Drie gouden Andreas kruizen op een zwarte achtergrond.
Ik
heb het wapenschildje, natuurlijk, nog thuis in de gang hangen en kijk er vaak en
steeds met wat heimwee naar.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten